Enkele specifieke gevolgen per sector

Primair onderwijs

In het primair onderwijs geldt een toetsdrempel: institutionele fusies (scholenfusies) waarbij het totaal aantal leerlingen van de betrokken scholen minder dan 500 leerlingen bedraagt of bestuurlijke fusies waarbij minder dan 10 scholen betrokken zijn, hoeven niet voor goedkeuring te worden voorgelegd aan de minister. Wel dient de fusie-effectrapportage te worden ingevuld en de medezeggenschapsraad te worden geraadpleegd.

(Voortgezet) speciaal onderwijs

Bij scholenfusies heeft de beoordeling van de keuzevrijheid vooral betrekking op de spreiding van onderwijsvoorzieningen ten behoeve van de betreffende onderwijssoort op redelijke afstand voor de leerlingen.

Voortgezet onderwijs

In het voortgezet onderwijs geldt reeds een aanvraagplicht voor institutionele fusies (art. 71 WVO). Voortaan geldt dit ook voor bestuurlijke fusies.

Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie

Met inwerkingtreding van de Regeling en beleidsregels fusietoets in het onderwijs vervallen per 1 oktober 2011 de artikelen die over fusie gaan in de Regeling fusie- en splitsingstoets BVE (Stcrt. 2009, 90).

Hoger onderwijs

In het hoger onderwijs adviseert de Commissie Doelmatigheid Hoger Onderwijs de minister over een fusietoetsaanvraag. De procedure is verder hetzelfde als bij de andere sectoren. Fusieaanvragen worden dus ook bij DUO ingediend.

Groen onderwijs

De minister van EL&I beslist over fusies in het groen onderwijs.